Wat is orthomoleculaire voeding en therapie?
Ortho staat voor juist, recht of gezond en moleculair staat voor de structuur van de moleculen. Dit samen staat voor ‘juiste moleculen’. We zijn opgebouwd uit moleculen en moleculen zijn bouwstoffen van allerlei stoffen, zoals eiwitten of vitamines. Orthomoleculaire geneeskunde maakt gebruik van het zelf genezend vermogen van het lichaam met als doel lichamelijke klachten en ziekten te herstellen door de inzet van een gezonde orthomoleculaire basisvoeding, gecombineerd met voedingssuppletie. Om dit vermogen optimaal te activeren zijn de juiste hoeveelheden voedingsstoffen in het lichaam nodig. Door naar de verbanden te kijken tussen symptomen of klachten en processen in het lichaam wordt, samen met orthomoleculaire therapie, een orthomoleculair voedingsadvies op maat gegeven en specifieke vitaminen en mineralen geadviseerd.

Waarom is gezonde (orthomoleculaire) voeding zo belangrijk?
We hebben voeding nodig om te kunnen leven. Voeding, mits het gezonde voeding is, levert ons energie maar ook vitamine, mineralen en spoorelementen. Voor veel mensen geldt een basis voedingsadvies. Helaas levert de dagelijkse gezonde voeding ons niet meer voldoende vitamine, mineralen en spoorelementen door verarming van de bodem waarop groenten en fruit op wordt verbouwd. Daarnaast wordt er te weinig groente en fruit gegeten en te veel geraffineerde suikers gegeten.

Alle cellen in je lichaam hebben de juiste hoeveelheid voedingsstoffen nodig om goed te kunnen functioneren. We hebben het dan over:

  • Vitamines (zoals C en K2)
  • Sporenelementen (zoals jodium en ijzer)
  • Aminozuren (zoals tryptofaan en L-Tyrosine)
  • Vetzuren (zoals omega 3 vetzuren)
  • Mineralen (zoals kalium en magnesium)
  • Bio-actieve stoffen (prebiotica, taurine, choline, kruiden)

Tegenwoordig hebben we heel veel soorten voedsel waaruit we kunnen kiezen. Dat maakt het lastig om een goede keuze te maken. Vaak zien we door de bomen het bos niet meer. Gezonde voeding bestaat uit macronutriënten en micronutriënten.

Macronutriënten zijn belangrijk bij het leveren van energie, opbouwen van spieren en leveren bouwstoffen voor het lichaam. Macronutriënten zijn: koolhydraten – eiwitten – vetten.

Micronutriënten zijn belangrijk bij veel verschillende functies binnen je lichaam. Dit zijn de vitamines, mineralen en sporenelementen en deze halen we uit groente en fruit. Zoals al eerder gezegd is het lastig om dit volledig uit onze voeding te halen. Omdat we te maken hebben met een verarmde bodem waarop wordt verbouwd waardoor je niet de optimale voedingsstoffen meer binnen krijgt. Een goede orthomoleculaire multivitaminen biedt een mooie ondersteuning om ervoor te zorgen dat je alles in de juiste verhoudingen binnen krijgt.

Vitaminen zijn onmisbaar voor je lichaam. Ze zorgen voor co-enzymen die weer zorgen voor chemische verbindingen. Daarnaast spelen vitaminen een belangrijke rol bij het goed functioneren van je lichaam, dragen ze bij aan het herstel en groei van je lichaam en zorgen ze ervoor dat je voldoende weerstand opbouwt en je energie op peil blijft. De bekendste vitamines zijn bijvoorbeeld vitamine B1, B6 en B12, vitamine C en vitamine D3.

Mineralen hebben een ondersteunende functie in het lichaam. Je lichaam kan zelf geen mineralen aanmaken dus daarom is gezonde voeding belangrijk. Bekende mineralen die we uit onze voeding halen zijn oa ijzer, magnesium, fosfor, calcium en zink.

Sporenelementen zijn ook nodig voor de groei en goede werking van het lichaam en zijn in zeer kleine hoeveelheden nodig. Voorbeelden van sporenelementen zijn bijvoorbeeld chroom, ijzer, zink, koper, seleen, kobalt en jodium.

Zoals je ziet zijn zowel macronutriënten als micronutriënten belangrijk voor het goed functioneren van je lichaam. Zorg voor een goede balans tussen macronutriënten, micronutriënten en calorieën. Een gevarieerd eetpatroon is erg belangrijk om van alles voldoende binnen te krijgen. Eet zoveel mogelijk verse groente en fruit. Eet eiwitrijke voeding, goede koolhydraten en gezonde vetten zoals noten, avocado en ghee/kokosolie/olijfolie.

Hoe ziet de verdeling van je macronutriënten eruit?

De juiste verhoudingen verschillen per persoon en per doel. Een sporter heeft andere verhoudingen nodig dan iemand die alleen af en toe wandelt. Heb je veel stress, dan zijn de koolhydraten belangrijk om je hersenen goed te laten werken.

In de meeste gevallen is een verhouding van 50/30/20 ideaal (koolhydraten-eiwitten-vetten). 1 gram koolhydraten levert 4 kilocalorieën, 1 gram vet levert 9 kilocalorieën op en 1 gram eiwitten levert 4 kilocalorieën op.

Hoe moet je bord eruitzien:

  1. De helft van je bord moet uit (verschillende soorten) groenten bestaan
  2. ¼ deel vis/vlees/vega
  3. ¼ deel aardappels/rijst
  4. Als toevoeging wat gezonde vetten (ghee/kokosolie/olijfolie)

Wat zijn de gezonde macronutriënten:

  • 600-800 gram verse groenten
  • 2-3 stuks fruit
  • Af en toe volkoren (bruine) rijst en graansoorten
  • Rood vlees met mate. Let ook op vleeswaren op brood, die tellen ook mee.
  • Varieer elke dag door magere vleessoorten te wisselen met vegetarische maaltijden
  • 2 á 3 keer per week vette (biologische) vis voor de gezonde vetzuren
  • Volle zuivelprodukten (kwark, Griekse yoghurt)
  • Voldoende eiwitten

Schommelende bloedsuikerspiegel
Over het algemeen worden er meer koolhydraten gegeten dan eiwitten en vetten. Dit kan ervoor zorgen dat je op den duur te maken krijgt met een schommelende bloedsuikerspiegel. Je voelt je dan niet meer energiek en je komt de dag niet goed door. Je krijgt klachten als een te hoge bloedsuiker (hyper) waar je veel naar het toilet moet, veel dorst hebt en je bent moe. Of een te lage bloedsuiker (hypo) dan heb je een sterke suiker behoefte, je voelt je moe, hoofdpijn, beven, trillen. Te veel hypo’s en hypers kunnen op den duur voor veel problemen in je lichaam zorgen.

Het is belangrijk dat je je bloedsuikerspiegel stabiel houdt, het beste is tussen de 4,5 en 8 gedurende de dag. Als je echt te maken hebt met bloedsuiker klachten dan kan het zijn dat je hier medicatie voor moet gaan nemen om de glucosespiegel onder controle te kunnen houden.

Wat doet insuline in je lichaam?
Wanneer we iets eten dan wordt er insuline aangemaakt door je lichaam. Met name bij de koolhydraten/suikers. Insuline zorgt ervoor dat de suiker wordt opgenomen in de cel. Als je last hebt van te veel schommelingen dan wordt er teveel insuline aangemaakt. De suiker wordt dan niet meer goed opgenomen in de cellen. In het begin kan dit nog goed gaan maar als je te lang suikers eet dan kan het zijn dat je celwand niet meer goed reageert op de insuline. De suiker kan dus niet meer de cel in waardoor er geen energie meer aangemaakt kan worden. Met als gevolg het ontstaan van oa vermoeidheidsklachten.

Hoe los je dit op? Door ervoor te zorgen dat je de juiste voeding binnen krijgt om de suikerspiegel te kunnen stabiliseren. Dit zijn voldoende eiwitten en gezonde vetten en veel vezels voor een goede darmwerking.

Hoe kun je je bloedsuikerspiegel stabiliseren?

  • Intermittent Fasting (IF) kan hier super goed bij helpen. Heb je last van hele erge bloedsuikerspiegel schommelingen? Dan adviseer ik je om niet meteen IF toe te passen maar dit langzaam toe te gaan passen. Start bijvoorbeeld met 14 uur niet eten en 10 uur wel eten en bouw dit langzaam op. Meer informatie over IF vind je hier. We noemen het ook wel een vorm van vasten. Als je je ontbijt over slaat dan pas je al het vastenprincipe toe. Dit kan al helpen bij het onder controle krijgen van de schommelingen.
  • Nuchter bewegen is ook zeer effectief. Dus als je ’s ochtends eerst gaat bewegen en dan ontbijten. Draai het dus om, dat helpt bij het stabiliseren van je bloedsuikerspiegel.
  • Zorg voor de inname van voldoende eiwitten en gezonde vetten, dit draagt ook bij aan het reguleren van de bloedsuikerspiegel.

Als extra ondersteuning kun je bijvoorbeeld Glycodin van Vitakruid gebruiken. Dit is een mooi supplement voor het reguleren van de bloedsuikerspiegel.

Afvallen
Als mensen willen afvallen dan gaan de meesten vaak heel weinig eten door het volgen van crash diëten (dus tot maximaal 1400 kilocalorieën eten per dag). Dat werkt inderdaad voor het gewichtsverlies maar de balans in voeding moet goed zijn en daar gaat het vaak mis. Ook al doen we vrijwel niks, we zitten alleen maar en doen niet of nauwelijks aan beweging. Dan verbruiken je organen toch nog veel kilocalorieën. De lever, hersenen, spieren, darmen, hart, nieren, immuunsysteem, alles vraagt om energie!

Een gemiddeld persoon met een gezond gewicht van rond de 70 kilo verbruikt in rust al zo’n 1600 kilocalorieën. Ben je wat zwaarder dan verschilt dit natuurlijk. Als je dan een dieet volgt van maximaal 1400 kilocalorieën per dag dan heeft je lichaam niet genoeg energie om goed te kunnen functioneren. Het zal dan ergens anders gaan besparen dus de stofwisseling gaat wat naar beneden, er gaat niet genoeg energie meer naar je haren, nagels want dat is niet belangrijk. Je schildklier gaat trager werken, terwijl deze juist moet zorgen voor een optimale stofwisseling!

Hoe weet je wat je Basaal Metabolisme, oftewel Basic Metabolic Rate (BMR) is?
Om erachter te komen wat jouw basaalmetabolisme is kun je gebruik maken van rekenprogramma’s. Of een orthomoleculair adviseur kan je hierbij helpen. Als je je BMR weet dan kun je zelf uitrekenen wat je moet eten om voldoende koolhydraten, eiwitten en vetten binnen te krijgen. Er zijn diverse apps beschikbaar voor op je telefoon. Tip: Houdt het eens minimaal één week bij wat je per dag eet. Het is wel een klusje maar je hebt dan wel een goede indruk of je de juiste hoeveelheden binnen krijgt.

Je hoeveelheid vetmassa speelt ook mee in de berekening van je dagelijkse kilocalorieën!
Naast dat het belangrijk is om je calorische behoefte te weten moet je ook weten hoeveel kilo vet je extra hebt want dit speelt ook mee met het uitrekenen hoeveel kilocalorieën je dagelijks mag eten. Dus hoeveel kilocalorieën je kunt reduceren is afhankelijk van de hoeveelheid lichaamsvet. Als de extra kilo’s vet door een dieet afneemt, moet je ook meer kilocalorieën gaan eten! Dit laatste gaat dus vaak mis waardoor mensen gaan jo jo’en en weer snel terugvallen nadat ze zijn afgevallen omdat ze wekenlang hetzelfde aantal kilocalorieën eten! Per kilo vet kun je 70 kilocalorieën per dag gebruiken dus als je hebt uitgerekend dat je calorische behoefte 2500 is en je hebt 16 kilo vetmassa dan kun je uit je eigen vet 1120 kilocalorieën halen en moet je nog 1380 kilocalorieën eten om aan de 2500 calorische behoefte te komen. Ben je afgevallen en heb je nog maar 10 kilo vetmassa dan kun je uit je eigen vet nog maar 700 kilocalorieën halen waardoor je nog 1800 kilocalorieën moet eten om aan de 2500 calorische behoefte te komen. Ga je er extra bij bewegen dan moet je dus weer opnieuw je calorische behoefte uitrekenen!

Je ziet dus dat het volgen van een standaard dieet niet is aan te bevelen omdat het per persoon afhankelijk is hoeveel kilocalorieën je dagelijks minimaal moet eten om gezond, langdurig af te vallen en nog belangrijker: gezond en blijvend afvallen. Jo jo’en moet je ten allen tijden voorkomen want daarmee ga je je hormoonhuishouding volledig overhoop halen met veel vervelende lichamelijke klachten als gevolg.

De bron waaruit de calorieën komen zijn belangrijk
Dan is het ook nog zo dat alle calorieën je lichaam dezelfde hoeveelheid energie leveren. Hoe je gezondheid wordt beïnvloed en hoeveel moeite je moet doen om je dieet vol te kunnen houden hangt helemaal af van de bron waaruit de calorieën komen. Dus één eierkoek bevat circa 150 kilocalorieën en 20 gram suikers, 3,4 gram eiwitten en maar 0,8 gram vezels ten opzichte van 700 gram bloemkool dat ook 150 kilocalorieën oplevert maar geen vetten of suiker bevat maar wel ruim 16 gram vezels en 13 gram eiwitten! Je zit propvol als je zoveel bloemkool op zou eten door de eiwitten en vezels en hoeveelheid. Maar na één eierkoek heb je alweer snel honger. En je darmen worden ook niet blij van zo’n suikerhap 😉 Kortom, een calorie werkt niet altijd hetzelfde. Je moet goed letten op de kwaliteit van de voeding om ervoor te zorgen dat je een dieet kunt volhouden en om vetverlies te realiseren.

Je ziet uit het voorbeeld van de eierkoek versus bloemkool dat de voeding die je eet je pogingen om vet te verliezen kan beïnvloeden als je alleen maar naar het aantal kilocalorieën kijkt. Het belangrijkste is dat je voeding eet die veel voedingsstoffen bevat en veel eiwitten en vezels, maar beperk de inname van voeding met een combinatie van koolhydraten en vetten, want die combinatie maakt het verslavend omdat het het beloningscentrum in je hersenen stimuleert waardoor je er meer van wilt eten en het voorkomt gewichtsverlies. Voedingsmiddelen met zowel vetten als koolhydraten zijn bijvoorbeeld pizza, koekjes, crackers, chips en andere sterk bewerkte snacks.

Waarom eiwitrijke voeding afvallen bevordert
Voldoende eiwitten eten heeft veel positief effect op afvallen. Naast het feit dat eiwitten een lang vol gevoel geven zijn ze ook essentieel voor je gezondheid omdat hieruit weer hormonen en andere stoffen worden gemaakt die je nodig hebt. Het geeft dus een lang verzadigd gevoel, gaat spierverlies tegen en er zijn meer calorieën nodig zijn om eiwitten te verteren dan om koolhydraten of vetten te verteren! Eiwitten zitten in dierlijke bronnen zoals vlees, vis, gevogelte, eieren en zuivel. Maar ook in plantaardige bronnen zoals oa hennepzaad, zoete aardappelen, bonen, peulvruchten, granen, noten, zaden, havermout, quinoa, groente zoals spruitjes, broccoli en asperges en spirulina. Haal je je eiwitten niet? Neem dan een gezonde plantaardige eiwit shake voor tussendoor.

Trek in zoetigheid door slechte darmflora
Maar ook de samenstelling van je darmbacteriën bepalen voor een groot deel hoe je lichaam je voeding verwerkt en opslaat. Heb je darmproblemen (ongezonde darmflora) dan kan het zomaar zijn dat je meer calorieën opneemt en dus aankomt in gewicht. Maar je darmen hebben ook invloed op je suikerbehoefte. Heb je een disbalans in je darmflora dan kan het zomaar zijn dat je meer trek krijgt in zoetigheid en bewerkte koolhydraten. Dit kan oa komen door een overkill aan de candida schimmel in je darmen. Deze schimmel leeft namelijk van suikers, deze hebben ze nodig om te kunnen vermeerderen.  Dus hoe meer last je hebt van candida hoe meer trek je hebt in zoetigheid en hoe meer overgroei er ontstaat in je darmen.

Wil je een advies op maat om te weten hoeveel kilocalorieën jij moet eten en wat je dan moet eten? Neem dan contact met mij.